zondag 30 december 2012

Week 6


"Ja. Dus ik stap in die lift, de rechter, die kleine. Staat daar die mevrouw. Met een enorme speelgoedeekhoorn in haar rechterhand. Haar tong stak uit haar mond en ze keek naar de grond. En ze wiebelde zachtjes heen en weer. Nee, op de eerste twee verdiepingen zitten dementerende bejaarden. Op de derde is de revalidatieafdeling. Er zit een cijferslot op de lift maar volgens mij kent iedereen in Schagen die code. Nee, een zuster heeft haar uit de lift gehaald. Och, verder gaat het nog steeds langzaam. Het is maar goed dat ik veel over Darwin en de evolutietheorie gelezen heb. Alle verandering gaat langzaam en geleidelijk enzo. Met kerst waren we er wat vaker. En we hadden een handwerkpakket of zo voor haar gekocht. Hmm? Weet ik het, wat weet ik nou van handwerken? Maar, ze kwam er niet uit en toen bood een meneer op haar afdeling aan een beginnetje te maken. Kom ik vrijdag langs, had hij het hele ding afgemaakt. En hij was er nog trots op ook! Nee, ze durfde er niks van te zeggen tegen hem. Het is nog een hele pikorde hoor, zo'n afdeling. Wat? Die mevrouw in de lift met die eekhoorn? Wat ik daar van vond? Eerlijk? Zielig natuurlijk, en meelijwekkend. Maar ik voelde ook afkeer. Dat kan toch? Sta je daar opeens met een mentaal weggewaaide mevrouw met de tong uit haar mond in een lift. Dat was toch allemaal nooit de bedoeling?".

"Voornemens? Ik? Gut. Nou. Hmm, ik ga proberen minder chagrijnig te worden van mensen die op Twitter met een verbale wind en het toevoegen van het woord #fail menen iets weg te kunnen schrijven waar anderen jaren aan gewerkt hebben. He? Nou ja, ok, behalve als het een tweet over de B-reader is. Dan mag het. Ik las trouwens gister in de NRC dat de Bruna ook met een soort reader gaat komen. Dus. Wat? Nou Bruna, B. Ja, dat bedoel ik. O, en ik ga natuurlijk weer proberen minder opvliegend zijn. Wat? Ja dat roep ik al jaren ja. Maar als ik het nou blijf roepen moet het toch een keer lukken? Toch? Nee, het wordt best een druk jaar. We gaan een voorleesproject doen waar de gemeente zelf om kwam vragen. En Boekstart in de Kinderopvang gaat beginnen. We gaan een deel van de schoolbibliotheek van de middelbare school naast ons doen. Bezuinigen? Ja dat gaan we ook doen ja. En de certificeringsmeneer komt ook weer langs. Innoveren? Goed idee, maar we zijn maar met z'n elven he. Maar, innoveren is een goed idee. Al lijkt het me zo langzamerhand tijd worden dat we eens iets gaan doen in plaats van dat we steeds gaan praten over dat we wat gaan doen. Nee, praten is niet echt iets waar ik een groot fan van ben nee. Nou, pff, neem het veelgenoemde contextualiseren. Wanneer gaan we dat nou echt doen? Neem de Vrij Nederland, die hebben elke week een pagina met handige websites die je kan bekijken bij een bepaald thema wat in het nieuws is. Dat moeten wij toch ook kunnen? Zeker nu we bijna allemaal zo'n kekke BNL website met uitwisselbare widgets hebben. Wat? Ja hoor, ik wil me best wel met een Midden Oosten widget bezig houden. Volgens mij zijn er mensen zat die zo hun interesse met het werk zouden willen verbinden".

"De mooiste cd? Accelerando van Vijay Iyer. Toegankelijk en raar tegelijk. Knap gespeeld zonder dat het zo knap is dat het alleen maar afstand schept. We zagen hem spelen in Amsterdam en dat was zo intens dat de zaal na twee uur vergat te klappen voor een toegift. Nee, dat was niet het mooiste dat we zagen op een podium. Dat waren twee momenten, twee momenten die allebei voor tranen in de ogen zorgden. Hmm? Nee, echte tranen. Ach ja joh, dat kun je best zeggen, niemand hoort dit verder. Allebei waren het momenten op het North Sea Jazz. Bij The Bad Plus, die speelden daar met Joshua Redman. Het moment was bij "Silence is the question". Gestructureerde chaos, steeds harder en wilder. Tot er in je hoofd alleen nog maar geluid was. Meestal denk je nog wel iets. Over dat je zo ergens heen moet, of dat de meneer voor je kaal aan het worden is. Je blijft vaak iets denken of registreren, hoe mooi iets ook is. Maar bij dat nummer was er geen plek meer over voor wat voor gedachte dan ook. Het andere moment was bij Van Morrison. Die liet zich op sleeptouw nemen door zichzelf. Er is een filmpje van, op YouTube. Je ziet dan een deel van de medley waarin hij verzeild raakt. Eerst Unchained Melody, daar is niet veel aan maar langzamerhand komt hij terecht in Time Is Running Out. Dan gaat zijn armpje heen en weer en komt hij zelf in zijn lied terecht. Dat was mooi, ontroerend mooi. Vanwege het moment. Dat moment dat het allemaal lukt en waarvan je weet dat het voorbij gaat en nooit meer terugkomt. Nee, op zo'n filmpje zie je het niet echt. Ontroering laat zich gelukkig slecht vastleggen".




zondag 23 december 2012

Week 5


"Het is een beetje een doolhof, nou ja, zo komt het denk ik op haar over. Lange, lege gangen. Leeg ja. In het weekend zie je er wel bezoekers tegen oma of opa die in een rolstoel zit duwen maar doordeweeks, leeg. Als je binnenkomt is er een onmetelijk lange lege gang. De moed zakt je abrupt in de schoenen. Meestal rijden we wel even met haar rond, door die gangen. Er hangen foto's aan de muur. Misschien om de mentaal wegdwalende mensen te activeren. Dat zou best kunnen. Nee, zij ziet altijd maar één foto, van een poes. De rest kan haar gestolen worden. Nee, er is niet veel veranderd, het gaat erg langzaam. Je moet goed naar de verhalen van haar dag luisteren om iets van een vooruitgang op te merken. O ja, toen ik er vrijdag was liet ze zien dat ze zelf omhoog kan komen uit haar rolstoel. Dat is dan toch plots weer heel wat".

"Hoe bedoel je, niet zoveel meer over bibliotheken bloggen? Nee, inderdaad, dat is wel zo. Het is niet zo dat ik het werk niet belangrijk of niet belangrijk meer zou vinden maar, hmm, ja, het is nu toch anders. Wat? Nou anders. Ons hele ritme is veranderd. We gaan daar elke dag heen, het zit in je hoofd, er moeten dingetjes geregeld worden, giro's gepost, planten bij haar thuis bewaterd. Huh? Nee, dat maakt wel uit natuurlijk. Het zou toch raar zijn als er dan niets verschoof in je hoofd. Vind ik dan. Het houd me bezig dus tik ik daar zinnen over. Nou, dan vinden de bibliotheeklezers dat even minder boeiend, nou en. Het zijn mijn zinnen, ik zou het raar vinden als ik deed alsof er niets aan de hand was. Dan krijg je van die rare onpersoonlijke blogjes. Wat? Ja, ik vind dat in een tekst naar voren kan komen wie degene is die de tekst schrijft. Anders werkt het niet. Vind ik. Nee, als anderen dat niet doen is dat ook goed, prima zelfs. Maar ik doe het wel. Voor je het weet krijg je van die altijd vrolijke tekstjes die maar doen alsof er niets aan de hand is. Een beetje zoals al die blije BNL websites die er nu zijn. Wat? Nee, het zijn prachtige websites maar valt jou niet op dat op de meeste foto's die meegeleverd worden allemaal van die pukkelloze mooie mensen staan? Nee, dat zeg ik toch, ik vind het mooie websites maar ik ben soms een klein beetje bang dat het allemaal doorslaat naar de "shiny happy people" kant."

"Het beste boek? Van dit jaar? Ik las geloof ik niet zoveel boeken die dit jaar uitkwamen maar "Spillover" van David Quammen vond ik erg goed. Quammen ken je wel, van "Het lied van de dodo". Dit boek gaat over virussen als H5N1, Hendra, Q-koorts en AIDS die overspringen van dier op mens. Nou, hij kan gewoon erg goed ingewikkelde dingen mooi opschrijven. Zijn boek gaat over zoeken naar het dier waarin een virus ontstaat en welk dier zorgt voor de overbrenging op de mens en hoe een epidemie ontstaat. Met wiskunde en al. Al legt hij die wiskunde weer begrijpelijk uit. Erg goed en zelfs spannend boek. Maar het beste boek dat ik las was "Outlaw Journalist" van William McKeen over het leven van Hunter S. Thompson. Het lag ergens in de ramsj. Ja, #steunjeboekwinkel ja. Ik kende wel boeken van Thompson maar als je zo over dat chaotische, wilde leven van hem leest, als je leest over hoe hij dacht over schrijven dan wil je meteen zelf achter je toetsenbordje kruipen. Wat? Nou, bij Thompson ging het niet zozeer om het verhaal maar veel meer over Hunter zelf, hoe hij het verhaal schreef en wat hij beleefde op weg naar het verhaal".

"Nee. Heb jij dat gelezen? Ik ken bijna niemand die die boeken echt gelezen heeft. Ik zag deze week een poster op het station waarop stond dat er 1,5 miljoen exemplaren van verkocht zijn. Gekkigheid. Laatst las ik een stukje in één van die drie boeken. Klanten hadden gemaild of we niet nog wat exemplaren aan konden schaffen en ze lagen op een bureau. Zo zeg. VVVV tekstjes. Wat? Verveelde Vinex Vrouwen Fantasietjes. Nee, Fantasietjes is niet met een v maar aan de telefoon maakt dat toch niet uit? Heb jij dat filmpje nog gezien, van die flashmob die de bibliotheek van hier organiseerde?  Ja, die. Die had ook dat boek al als thema. Wat? Welk liedje had jij dan gedaan? Ha! Mooi gevonden. Dat ga ik meteen even opzetten. Maar, zeg, veel plezier met de kerst en tot volgende week, dan kunnen we mooi even de voornemens doen."




woensdag 19 december 2012

Steeds wisselende stemmingen



"Wat zou er met die ambulance zijn? Het is nog niet eens begonnen".
"Er staat iets met wens op de zijkant. Volgens mij is het iets waarmee mensen nog ergens heen kunnen. Voor ze dood gaan. Iets als een laatste wens of zo".
"Oh".

"Waar zag ik je nou voor het laatst? Toen stond je ergens voor me".
Ook zonder om te kijken wist ik dat het Daan was die wat tegen me zei. Daan woont in Den Helder. Maar ik kom hem bijna alleen tegen bij Paul Weller. We spraken wat, hij wist al van mijn moeder en het verpleegtehuis, Den Helder is soms net een dorp.

In de zaal stond rechts vooraan, waar wij eigenlijk altijd staan, een groot bed. Een man erin, mensen er omheen. De man zag er slecht uit. De mensen er omheen, die stonden om hem heen. Meer niet.

"Weet je nog? Dat we vroeger altijd in de trein zaten. Jij ging voor bibliothecaris leren. Met K. Jullie zaten altijd zo snobistisch te praten".
"Snobistisch? Wat nou snobistisch?".
"De wijsheid in pacht".
"Jezus Daan, doe niet zo lullig. Nee, jij was vroeger ...".
"Da's nog steeds zo hoor, van die wijsheid en die pacht"
"Oh, begin jij ook nog even. Het is maar goed dat je erbij lacht".
"Nou ja. Wij zijn er tenminste nog. Herinner je je E. nog? Die zat ook altijd in de trein. Die is dood. Heeft zich een paar maanden terug opgehangen".

Baby let's go
Oo come on
Baby let's go

Terwijl de band speelde dacht ik aan E. Aan vroeger. Glimmende laarzen, zwart haar, puntig gezicht, snelle woorden. Maar die had iedereen. Net als andere dingen. Opgehangen. Zo zeg. Ik zag hem nog zitten, ergens in een kleedkamer bij Claw Boys Claw. God wat een lol hadden we. Nooit meer gezien. Ook al ging hij maar een paar honderd meter van waar ik woon dood. Den Helder is soms net een erg grote stad.

Hé, Weller doet Friday Street. Da's fijn.

And it's easy to remember
And it's hard to forget

Oh, Benjamin Herman doet dus mee met My Ever Changing Moods, alweer een fijn lied.

Ergens in een pauze voor één van de toegiften is de man in het bed weer even zichtbaar. Hij ligt achterover, zijn ogen zijn dicht. Het is warm, het geluid is hard. Het moet als een muur over hem heen komen. De mensen om hem heen kijken nu minder om zich heen. Er wordt gefronst en bezorgd gekeken.

Als het klaar is en het gedrang naar buiten begint gebaren Daan en ik dat het goed was en dat we elkaar de volgende keer wel weer zullen zien. En dat we misschien eens moeten bellen. Al weten we alle twee dat we dat niet zullen gaan doen.

Het bed wordt naar buiten gereden. In de ambulance. Dus dit was zijn wens. Vinkje er achter. Klaar.

"Als jij nu iemand ziet, die je vroeger al kende, zie je diegene dan zoals die nu is, of heb je dan een beeld van vroeger?".
"Van vroeger. Zelf denk ik ook nog steeds dat ik begin twintig ben. Die anderen zijn dat ook nog steeds".

"Wat was nou dat liedje van The Jam dat hij speelde?".
"Start!".
"Zing eens een stukje".
"Zingen, ik zing nooit".
"Ah, toe nou".

It's not important for you to know my name -
Nor I to know yours
If we communicate for two minutes only
It will be enough
For knowing that someone in this world
Feels as desperate as me -
And what you give is what you get.

It doesn't matter if we never meet again,
What we have said will always remain.
If we get through for two minutes only,
It will be a start!













zondag 16 december 2012

Week 4


"Nee, er zijn gelukkig weer wat nieuwe oude mensen op haar afdeling gekomen. Die zijn er erger aan toe dan zij en nu is het er ook niet zo stil met de kerst. Daar zag ze erg tegen op. Want, och wat is het daar stil. Wij komen er maar één keer per dag maar je zal daar de hele tijd zitten zeg. Het is er mooi hoor, alles is keurig. Maar het is er zo stil. Ja, ze gaat wel vooruit. Ze kan nu zo'n 25 meter met haar rollator lopen, maar dan is het wel op. Vrijdag wilde ze wat verder lopen en toen viel ze bijna om. Maar, ze zet door, ze moet en ze wil en ze zal terug naar huis. Ja, ik geloof er wel in. Al lijkt het soms een beetje op die poster die agent Mulder in The X-files aan zijn muur had hangen, "I want to believe". Die poes? Die glipte deze week naar binnen toen er een kerstmarkt was. Och, allemaal tafeltjes met frutselzooi. Nee, daar vond ze weinig aan maar die poes vond ze geweldig.

En jij? Ben je al een beetje bijgekomen van de bibliotheek tweedaagse? Nee, ik was er niet nee. Dinsdag vond ik nog een aardig mailtje van de buren waardoor ik ook heen had gekund. Maar ja, toen was het al dinsdag. Nou ja, ik gok op volgend jaar. Na Maastricht, Groningen en nu Middelburg lijkt het me niet meer dan logisch dat de tweedaagse volgend jaar alleen nog maar in de ultieme uithoek kan zijn. Den Helder ja. Er is op de oude Rijkswerf genoeg mooie oude industriële ruimte voor al die sessies dus ik wandel er volgend jaar gewoon rustig heen. Of ik dan ook een bultrug kan regelen? Haha, niet leuk. Ik krijg het zo langzamerhand op mijn zenuwen van het idee dat er op een paar honderd meter van de flat al een aantal dagen een walvis dood ligt te gaan. Bah. Maar, was het leuk? Ik zag veel tweets voorbij komen. Nou, veel over lego, en veel dekentjes. En die "Lees Meer" campagne, begreep ik nou goed dat die er is omdat er subsidiegeld over was? Ja, ik geloof best dat je mensen eens van een heel andere kant ziet. Ik zag op een filmpje nog een heuse professor met sambaballen zwaaien. Inderdaad ja, dat is de bieb ook ja. Oh ja? Zag je prinses Laurentien? Ik heb even naar een filmpje gekeken. Voorlezen is dus ook goed voor de economie? Tja. Wat? Nou gewoon tja. He? Nee, ze zal best gelijk hebben over dat economische nut. En als ik werk zal ik dat ook vast bij de wethouder laten vallen. Maar vandaag is het zondag, en dan heb ik vrij en als vrij mens word ik soms een beetje kriegel van hoe alles tot een economisch belang moet worden terug gebracht. Oh? Nou dan vind je me maar negatief. Toevallig las ik deze week nog een boeiend artikel "The power of negative thinking". Nee, Edwin twitterde het rond. Ik zal even een stukje voorlezen. Goed?

For one project, she interviewed 45 successful entrepreneurs, all of whom had taken at least one business public. Almost none embraced the idea of writing comprehensive business plans or conducting extensive market research.
They practiced instead what Prof. Sarasvathy calls "effectuation." Rather than choosing a goal and then making a plan to achieve it, they took stock of the means and materials at their disposal, then imagined the possible ends. Effectuation also includes what she calls the "affordable loss principle." Instead of focusing on the possibility of spectacular rewards from a venture, ask how great the loss would be if it failed. If the potential loss seems tolerable, take the next step.
The ultimate value of the "negative path" may not be its role in facilitating upbeat emotions or even success. It is simply realism.

Nee, verder las ik weinig. Het boek van Schama is uit en ik had nog geen zin in iets nieuws. Ik heb wat gebladerd in "Jordan Walks, Treks, Caves, Climbs & Canyons". In mijn hoofd knoop ik dan routes aan elkaar. Voor als we weer terug gaan. Optellen hoe lang het zou duren en of het zou kunnen, lopen van Aqaba naar Petra. Nee, rechtsaf bij Aqaba, door de Rum, omhoog bij Diseh en dan via Humeimah en Sabra naar Petra. In drie weken moet dat wel kunnen denk ik.

Zullen we volgende week lijstjes doen? Het jaar is tenslotte bijna voorbij. Nou, cd's, concerten, boeken enzo. Wat? Nee, we gaan dinsdag nog naar Paul Weller in de Melkweg. Dus het lijstje kan nog veranderen. Misschien. Benjamin Herman twitterde nog dat hij mee gaat spelen dus wie weet wordt het nog iets bijzonders. Sorry? Een liedje voor vandaag? Ik kijk nog even naar Levon Helm, die dood ging dit jaar. Zonde ja. Eeuwig zonde.





zondag 9 december 2012

Week 3

"We hebben haar maar even mee naar buiten genomen. In zo'n tehuis is het bloedje warm joh. Ik weet niet of het de bedoeling was om met die rolstoel door de half bevroren sneeuw te rijden. Het ding piepte nogal toen we terug waren. Maar ze vond het leuk, en het frist tenminste de hersenen een beetje op. Nee, het gaat tenminste nog tot begin januari duren hoorde ze deze week. Daar werd ze wel droevig van. Ze wil het liefst naar huis en wel nu. Ze went er wel hoor, ze kletst best al veel met de andere bewoners. Maar ergens deze week zei ze nog "Maar ik zit hier tussen allemaal van die ouwe mensen". Wat? 87 is ze".

"Ik heb dat stuk nog gelezen, waar je over twitterde, "The future of the library" van Seth Godin. Nee, dat klopt, ik ben niet zo heel dol op Seth "Misstra know it al" Godin en ik moet zeggen, dit stuk zorgde niet voor een herziening van mijn mening. Wat? Nee, natuurlijk staan er best aardige dingen in maar ik krijg zo langzamerhand een erg lange sik van mensen van wie de bibliotheek van alles, echt alles mag of moet zijn zolang er maar geen boek meer in te vinden is. Huh? Nee, ik ben helemaal niet ouderwets. En ik lig ook niet van nature dwars of zo. Godin doet alsof alles in een bibliotheek om data gaat. Zet een flinke rij pc's neer en dan maar data slurpen. Zo werkt het niet. Of niet alleen. Wat? Ok, laat ik het proberen uit te leggen aan de hand van een boek dat ik nu lees, "The American Future, a History" van Simon Schama. Ik kwam het toevallig tegen, het keek me vriendelijk frontaal aan, je zou het retail kunnen noemen. Schama behandelt in het boek een paar grote thema's uit de geschiedenis van de VS, het leger, slavernij en immigratie. Hij switch tussen het heden en vroeger, vertelt zijn verhaal aan de hand van de levens van een flink aantal mensen en geeft zo de verschillende meningen weer die er bestaan en bestonden over allerlei vragen. Wat? Hmm, nou hij vertelt bijvoorbeeld over de illegale immigranten uit Mexico die nu in grote aantallen het land proberen binnen te komen en zet dat verhaal tegenover de geschiedenis van bijvoorbeeld Texas. Texas was vroeger Mexico en door de immigratie van mensen uit wat toen de VS was werd het land steeds Amerikaanser. Tot er zoveel immigranten woonden dat die vonden dat ze liever bij de VS wilden horen. Oorlogje en klaar. Het boek zit vol dingen waar ik geen idee van had. Terwijl ik het las moest ik me inhouden om niet onmiddellijk dingen te gaan lezen over al die mensen over wie ik iets tegen kwam. Wat dat met Godin te maken heeft? Dat data, zomaar data niks is. Alles wat ik in het boek van Schama las had ik waarschijnlijk ook allemaal op het internet kunnen vinden. Maar niet in de vorm waarin ik het nu las. Nu werden er verbanden of juist tegenstellingen weergegeven die ik niet gezien zou hebben als ik al die stukjes als losse data tot me had genomen. Schama zet de data in zinnen, zinnen waar je enthousiast van wordt terwijl je misschien niet eens wist dat je enthousiast zou kunnen worden van zeg, de ideologische strijd die er was rond het stichten van de militaire academie West Point. Wist je dat ... Wat? Ja, sorry, ik sla op hol, ik weet het. Maar dat kan zo makkelijk een vergeten waarde zijn van de bibliotheek, dat je zomaar iets tegenkomt waar je van aan het denken slaat. Ja, ok, ik hou al op".

"Ja, we waren naar Anthony Joseph & The Spasm Band. Leuk. Heel leuk zelfs. Hij begon nogal risicovol door aan te kondigen dat iedereen die in de makkelijke stoeltjes van het Bimhuis zat aan het eind van de avond zou staan dansen maar, hij kreeg wel gelijk. Nee, zijn platen zijn niet zo heel fantastisch. Je moet het in het echt zien. Eigenlijk in een zaal zonder stoelen, die zaten nogal in de weg. Harde funk met rare solo's en Joseph die zijn teksten declameert. Nieuw is het niet en in het begin zit je wat droog te kijken maar voor je het weet begint je voet mee te tikken, daarna je hoofd en ... Ja, kijk maar even. Al komt het op een filmpje niet echt over. Je moet het voelen, in je buik."




zondag 2 december 2012

Week 2


"Och nee, het gaat nog wel een week of vier duren voor je zelfs maar zou kunnen zeggen of het goed of slecht gaat. Deze week ging het op en neer. Ze doet wat oefeningen, maar dat gaat haar natuurlijk niet snel genoeg. Ongeduldig en eigenwijs. Wat? Haha, ja, leuk hoor. Dat zal ik inderdaad wel van haar hebben hebben ja. Maar Het zal je maar gebeuren. Zit je plots te revalideren in een verpleegtehuis in een plaats waar je niemand kent. Dus ik denk dat ze daar ook wat last van had. Eenzaam. Je moet toch je plek veroveren in een groep mensen die daar al zat. Maar we waren er vanmorgen even en toen we kwamen zat ze koffie te drinken met wat andere bewoners dus ik denk dat ze de aanpassingshobbel al redelijk genomen heeft. We zien het wel. Het gaat nog lang duren denk ik."

"Ja, ik ben deze week weer begonnen. Nee, bureau en mailbox leeg krijgen, het vakantieverhaal vaak vertellen, dat soort dingen. Nee, het was best een aardige week. We hebben een totaal nieuwe, BNL afgevinkte website, de middelbare school die in hetzelfde pand zit kwam zelf praten over nauwere samenwerking en het goedkopere schoonmaakcontract is ook bijna rond. Landelijke dingen? Gut, ik heb geprobeerd te doorgronden hoe die Lees Meer actie nu precies gaat werken maar daar was zoveel uitvoerig gemail over dat ik de draad wat kwijt raakte. Ik ga wel even op een station rondhangen om te zien of daar een poster te vinden is. Kan ik meteen zien of de reiziger wat met die actie doet. Het leukste dat me verder opviel was eigenlijk die #steunjeboekwinkel actie op Twitter. Mooi. Of ik er aan mee heb gedaan? Nee. Ik zou wel willen maar in Den Helder is zover ik weet geen echte boekwinkel meer. Ja, een stel Bruna's maar daar kom ik eigenlijk alleen om pakjes van Amazon op te halen.
Ik hoorde tijdens een etentje nog wel een aardig, of erg triesterig verhaal. In een bibliotheek kwamen vaak twee Poolse mannen. Internetten. Een medewerker liep op een keer achter ze langs en zag porno op het beeldscherm. De Polen werden aangesproken, openbaar gebouw, voor iedereen zichtbaar enzo. Waarop één van de mannen zei "Ik begrijp het. Maar het is mijn vrouw."

"Ik las eindelijk Soedan van Frans Bieckmann uit. Ik had nog geen boek over Soedan en in dit boek staat weinig over de geschiedenis van het land. Ik kocht het waarschijnlijk te vlug. Het gaat voornamelijk over Darfur en wat de wereld met die crisis deed en doet. Nadat ik over mijn teleurstelling over het ontbreken van verhalen over vroeger gekomen was het eigenlijk wel een fascinerend boek. Bieckmann beschrijft hoe je met zo'n conflict om zou moeten gaan. Dat er veel meer oog moet komen voor het grensoverschrijdende van dergelijke conflicten en hoe ontwikkelingswerk zich zou moeten gaan realiseren dat het vaak om macht gaat. Macht van staten en groepen. En dat je die macht niet kunt negeren als je echt wat wilt veranderen. Mooi boek, vooral het hoofdstuk over het verkokerde denken op Buitenlandse Zaken in Den Haag was boeiend. De ene regeerperiode hoort Darfur bij die groep, de volgende regeerperiode wordt de hele structuur gewoon weer veranderden hoort Darfur weer ergens anders bij. Waardoor kennis wegvloeit en mensen het wiel steeds opnieuw moeten uitvinden".

"We gaan vanavond naar Anthony Joseph & The Spasm Band. Nee, geen idee wat het is maar de laatste tijd zagen we voornamelijk erg serieuze dingen en dit leek wel, vrolijk of zo? Weet ik het. Maar als je alleen naar dingen gaat kijken die je al kent roesten de hersenen ook maar vast. Maar, je hoort de volgende keer nog wel hoe het was."

maandag 26 november 2012

Domme manieren om dood te gaan


Langs het spoor lopen is levensgevaarlijk. Tenminste, dat zegt de NS. Zelf denk ik dat alleen op het spoor lopen enigszins risicovol is.  En dat zelfs dat met de gemiddelde vertraging op het spoor misschien nog wel meevalt. Maar, laten we voor het gemak toch maar aannemen dat het spoor geen wandelpad is.

De NS maakt dit de Nederlander duidelijk door onheilspellende posters. En ik heb, dacht ik ook wel eens een serieus reclamefilmpje gezien over spoorlopers die doodlopers zijn. Al kan ik dat laatste ook ter plekke verzonnen hebben.

Ik moet gewoon een bruggetje hebben. Een bruggetje om uit te komen bij een reclamecampagne uit Melbourne.




















De NS is natuurlijk niet de enige die last heeft van mensen die te dicht in de buurt van de rails komen. In Australie heeft men die mensen ook. Alleen kiezen ze daar voor een nogal andere campagne. Een wat vrolijkere.

"Dumb ways to die" heet de campagne en er zelfs een liedje met een filmpje gemaakt. En dat filmpje, en vooral het zich onstuitbaar in je hoofd nestelende liedje, dat zijn eigenlijk de enige reden voor dit postje.

Want wat kan mij dat hele langs het spoor lopen eigenlijk schelen? Niks. Helemaal niks.

Maar dat liedje met al die wijze adviezen. Doe er je voordeel mee.
Ik ga mezelf in ieder geval nooit meer als eland verkleden tijdens het jachtseizoen.




vrijdag 23 november 2012

Week 1

"Wat? Nee. Nee, ze zit nu in een verpleegtehuis in Schagen om te revalideren. Ja, Schagen. Dat is een eindje weg, maar daar was plek en alles is beter dan dat halfgevulde, ongeïnteresseerde ziekenhuis hier. Nee, dat was niks. Wat? Nee, ze is wel zelf gevallen maar helemaal zomaar gebeurde dat dus niet. Nee, dat vertelde ze pas gister. Ze liep door zo'n draaideur de bank uit en toen ze bijna buiten was kwam er een haastige knul, zo zei ze dat, knul en die gaf een stevige duw tegen de deur waardoor er iets met de rollator gebeurde en toen viel ze. Ja. Het is wat he. Je gaat op een middag even naar de bank en het volgende moment kom je misschien wel nooit meer in je eigen huis terug. Nee, die jongen heeft ze niet meer gezien, die heeft haar misschien niet eens zien vallen."

"Nee, we hebben nog vakantie. Nee, volgende week pas. Wat? Ja, ik heb wel her en der iets gelezen maar dat staat nu toch allemaal wat ver van me af hoor. Wat? O ja, dat stuk van de twee J's heb ik gelezen, "Gaan we niet een beetje dood van binnen?" heette het toch? Gut ja, best een aardige steen in een toch al woelig watertje maar verder kan ik er niet veel mee. Waarom niet? Misschien was het de toon. Alsof het overgrote deel van de medewerkers in bibliotheken maar een beetje voor zich uit zit te vegeteren. Dat beeld herken ik niet. Natuurlijk zijn er mensen die niet ondernemend zijn, of niet impulsief maar wat dan nog? Niet iedereen die in de bibliotheek werkt hoeft ondernemend, impulsief en creatief te zijn. Dat zou toch een zooitje worden? Er zouden alleen nog maar plannen bedacht worden maar er was niemand meer om ze uit te voeren. Weer een elitaire organisatie erbij. Wat? ja, één hersenhelft was er al een blogpostje over aan het schrijven, "Het politbureau bevraagt medewerker 02614", maar het is te druk met andere dingen om het echt te schrijven. Voor nu laat ik het gewoon bij het neuriën van "Holiday in Cambodia" van The Dead Kennedys."

"Lezen? Ja ik las zowaar een heuse roman. Ja, dat was wel wennen. Kevin C. Powers, "De gele vogels". Mooi boek, over een soldaat die vocht in Irak en die terug in Amerika het spoor geheel bijster raakt. In Irak volg je hem, zijn sergeant en een "vriend". Mooie zinnen, misschien een beetje erg vaak dingen als "De zon scheen fel als ....." maar soms zitten er prachtige zinnen tussen. Terug in Amerika probeert hij te verwerken wat er met zijn "vriend" in Irak is gebeurd, en wat hij zelf deed. Hij laat zich wegdrijven in een riviertje, slomig, zijn gezicht in het water. Dan komt er een zin van zo'n twee pagina's waarin je haast de lucht in zijn longen voelt verminderen. Mooi, schokkend en aangrijpend boek."

"De vakantie? Die zijn we eigenlijk soms een beetje kwijt. Het was ook raar, we kwamen in het donker aan en we moesten in het donker weer weg. Alsof een onzichtbare hand ons daar neerzette en ons er ook weer weghaalde. Soms kijken we even naar het filmpje dat we maakten, en dan zijn we er weer even."

"Ja, dat is goed. Ik spreek je eind volgende week misschien wel weer."



vrijdag 16 november 2012

Woestijnblues #2



"Dus daarom belde de Rabobank".
"Ja".
We keken naar buiten, vanaf de achterbank van de taxi die ons met hoge snelheid in de duisternis van Petra naar Amman reed. Buiten was de woestijn. Maar het enige dat we zagen waren de lichten van de vrachtwagens die op weg waren naar de grens met Irak en die we links, en soms ook rechts passeerden.
De chauffeur van de taxi draaide zich om. "I am sure you're mother will be allright. I am sure".

Afgelopen dinsdag verlieten we het hotel in Petra, Jordanië om iets over zevenen. Het was Jebel Haroun dag. Jebel Haroun, Jabal Haroun, Mount Hor, de berg Hor, de berg van Aaron. Volgens de overleveringen ligt Aaron, de broer van Mozes, begraven op Jebel Haroun. Bovenop de top van de berg staat een klein spierwit mausoleum dat al van vele kilometers afstand in de woestijn te zien is.
De leukste vrouw ter wereld en ik hebben niets met Aaron maar de berg waarop hij zou liggen is de hoogste top in het toch al magische Petra en omdat de berg ver bij de andere bezienswaardigheden vandaan ligt is er nauwelijks een kaartje te vinden waarop staat hoe je er kunt komen. Her en der in reisgidsen staat dat de berg en het mausoleum er zijn, en dat je er kunt komen. Maar hoe, dat moet je toch zelf maar uit gaan zoeken.
Dus dat deden we. We vonden de weg, de berg, klommen omhoog en zaten bovenop het witte mausoleum. Het uitzicht was prachtig en het gevoel van "knap gedaan" was groot. Op de terugweg dronken we thee met de "caretaker" van het gebouwtje en keken, omdat de taalbarrière groot was samen naar american wrestling op de satelliet tv.
Het was een perfecte dag.

Tegen half vijf waren we terug in het hotel. Tevreden en redelijk uitgeput bespraken we de dag. De mobieltjes gingen, zoals elke avond aan. Raar, beide waren we gebeld door de Rabobank. En toen ging de telefoon.

"Ton, ik heb niet zulk goed nieuws. Je moeder is voor de Rabobank gevallen en ligt in het ziekenhuis met een gecompliceerde breuk in haar bovenbeen. Ze moet geopereerd worden en ze is erg bang voor de narcose". Mijn moeder, die vaker op dit blog voorbij komt is 87 en heeft een nogal broos hart. Toen ik haar zelf had gesproken was het vlug duidelijk. We moesten terug naar Nederland.

We zochten in een restaurant/internetcafe naar vliegtickets maar verzopen in de vage sites met vage aanbiedingen. Via iemand die niet kon helpen kregen we een telefoonnummer van een meneer in Amman. Ik belde hem en legde uit dat we naar Nederland moesten en waarom. Hij zou terugbellen. En binnen 10 minuten deed hij dat. Hij had een vlucht gevonden en kon twee tickets regelen tegen een nog redelijke prijs ook. Fantastisch. Toen ik deze man, die ons niet kende vroeg hoe het met het geld moest zei hij dat hij ons wel zou mailen, dat het geld later wel zou komen en dat we ons daar nu niet druk om moesten maken, "You have to go to your mother now first, that's important".

De mannen van de receptie in het hotel startten een krakende computer op, repareerden een oude printer en hielpen met het vinden van de printknop. Gmail ziet er in het Arabisch plots heel anders uit. Glazen limonade werden gebracht, bemoedigende woorden werden gesproken en iemand zocht een taxichauffeur die ons naar Amman wilde brengen. Dat is vanaf Petra toch zo'n drie uur rijden.

Twee uur na het telefoontje reden we naar het vliegveld in Amman. Via Parijs kwamen we in Amsterdam en nog precies voor de operatie van mijn moeder zagen we haar. De operatie ging goed, hoe het verder met haar zal gaan is onduidelijk. Het zal wel langdurig revalideren worden.

Ik ben wel vaker in het Midden Oosten geweest. En elke keer als ik vertel dat ik ga kijken mensen vaak bezorgd. Waarom ik toch altijd naar van die rare woestijnlanden wil. Is het niet gevaarlijk daar? Alsof iedere man daar met z'n linkerhand zijn vrouw slaat terwijl hij met rechts zijn Kalasjnikov ontgrendeld om een toerist neer te schieten.

Afgelopen dinsdag was een zenuwendag, een stressdag, een rotdag.
Maar het was ook een dag waarop we veel onverwachte hulp kregen van wildvreemde mensen. Wat het, raar genoeg, ook weer een heel mooie dag maakte.

maandag 22 oktober 2012

Man en Beer


"Die beer? Die beer heeft pa gekocht voor je geboren werd. We hadden een oude wieg, van bij mij thuis. Die wieg staat nu in Canada. Maar ik wilde een eigen wieg. Je moet denken, na zoveel jaar...
Op een maandagmiddag zijn pa en ik toen naar Utrecht gegaan. Ik moest voor controle naar het ziekenhuis en we hebben toen in één of andere winkel een wieg gekocht. En toen zei pa, "hij krijgt" of "ze krijgt", ik weet niet meer wat hij zei, "hij krijgt van mij een beer". En toen heeft hij die beer gekocht, in diezelfde winkel. Van Steiff, en dat was toen heel veel geld hoor, tweeëntwintig en een halve gulden. Maar hij was ook zo blij".

"Je hebt ook nooit een andere beer gehad. En één keer, toen logeerden we een paar dagen in De Bilt en toen reden we ongeveer bij, ik weet niet meer precies waar, en toen sprong je overeind, "M'n beer", riep je, "Waar is m'n beer?". Ik zei, "ja, ik maar ik kan toch niet terug", want ik had nog een andere beer. Die had je nooit gebruikt. Maar die was niet goed. Mijn zwager heeft de beer meteen op de post gedaan en toen was het weer goed".

"Ik ging je halen. In het ziekenhuis. En toen zei de zuster, "U moet nog even wachten", want je had een bloeding gehad. Dat schijnt meer te gebeuren bij amandelen knippen, maar goed. En ik zie je nog staan aan de hand van de zuster en jij had de beer in je hand. En de beer zat helemaal onder het bloed".
Het bloed heb ik geprobeerd er af te krijgen maar hij heeft altijd vlekken gehouden. Het mooie was er vanaf. Och ik zie je nog, je was toen nog zo klein. En met de beer in je ene hand. Och ja".

"Hij was gewoon versleten, je nam hem overal mee naar toe ook. Altijd die beer, nooit een ander speeltje. Altijd die beer".

In de nacht zit hij voor de wekker. Omdat ik denk dat ik slechter slaap als ik de rode getallen kan zien. Ik zou de wekker natuurlijk om kunnen draaien, dan zijn die cijfers ook onzichtbaar.
Maar dan zou Beer zich waarschijnlijk overbodig gaan voelen.


woensdag 17 oktober 2012

Wachten op eGodot

Zelf heb ik niks met eBoeken.
Helemaal niks.
Ik houd wel eens zo'n eLezer vast hoor. Als er weer eens wat mee is. En toen ik dat voor het eerst deed vond ik het ook best bijzonder, dat je er bladzijdes mee kon omslaan en dat de letters groter en kleiner konden. Maar ik kan al jaren heel goed bladeren met papier, en ik heb al een leesbril.
Op vakantie schijnt zo'n ding ook heel handig te zijn. Al heb ik dat altijd een aan decadentie grenzend verkoopzinnetje gevonden. En op de meeste van mijn vakantiebestemmingen is er erg veel zand en erg weinig elektriciteit.

Nou niet meteen gaan roepen van "Weer zo'n zich aan de ouderwetsigheid vastklemmende bibliothecaris". In "mijn" bibliotheek kopen we ook boeken over onbewijsbare boomknuffel therapieën en figuurzagen. En de boeken van Heleen van Royen worden ook gewoon aangeschaft.

Wat ik zelf van eBoeken vind doet er dus niet zoveel toe.

Al een paar jaar kunnen klanten/leden/gebruikers en waarschijnlijk ook gasten in "mijn" bibliotheek de beperkte hoeveelheid eBoeken lenen uit de ePortal van de NBD. Als het tenminste lukt om ze in te schrijven en als ze zelf het magisch realistische downloadproces volbrengen.

We doen ook blij optimistisch over het aanbod van stromend leesbare titels.

Maar het schiet allemaal niet echt op he.

Soms verbaas ik me wat over de hele bibliotheek en het eBoek discussie. Was ik er net wat aan gewend dat een bibliotheek zich niet moest vastklampen aan het uitlenen van het papieren boek. Begon ik er net over te denken om "mijn" klanten/leden/gebruikers en ook gasten uit te leggen dat zij al decennia de bibliotheek op een geheel foute manier zien en gebruiken ("Nee, sorry, u kunt dat boek niet zomaar stilletjes lenen, u zult er toch echt eerst een zoekvraag over moeten stellen"). En dan moeten we plots weer wel veel tijd en ook geld in het uitlenen van eBoeken gaan steken.

Maar, die verbazing sla ik dan wel even over. Je kunt je tenslotte niet chronisch blijven verbazen. Laten we er vanuit gaan dat het uitlenen van boeken/eBoeken een goed idee is.

Al een tijdje hangt er ergens op mijn pc een pdf rond. Van de VOB inkoopcommissie. Die pdf gaat over eBoeken. Er staat zelfs een opzet in voor een lidmaatschap waarmee klanten/leden/gebruikers, nee gasten waarschijnlijk niet, eBoeken kunnen gaan lenen. Ik heb het gelezen en er over nagedacht. Dat nadenken kwam vooral door het precieze getal van 17 bij het gelimiteerde lidmaatschap. Het duurde even voor ik bedacht dat dat dan wel zou betekenen dat je eenmaal per drie weken een eBoek mocht lenen.

Maar wanneer komen nu de titels?

In december komt er een actie. Met een campagne, stations, QR codes, en stromende boeken. Mooi. Ik kom vaak op stations dus ik heb er zin in. Op de Q&A pagina van de actie lees ik dat de titels een half jaar beschikbaar blijven. Een half jaar? En welke titels gaan het nu eigenlijk worden?

Plannen zat, pdf'jes te over.

Maar, en ik weet dat ik van nature ongeduldig ben, en dat ik een korte attentiespanne heb, wanneer gaan we nou eindelijk eens wat doen? Iets van enige omvang, en voor langer dan een actieperiode.
Ik hoor voor mijn gevoel nu al jaren dat "we" wat "moeten" met eBoeken en dat er gesproken wordt. Met waarschijnlijk van alles en iedereen. En dat is vast heel goed, en mooi ook. En het zal ook vast razend ingewikkeld zijn.

Maar wanneer komt het nu eindelijk eens? Hoelang moet het nog duren? Want laten we eerlijk zijn, zo heel erg veel onkommerde wachttijd heeft de bibliotheek niet meer. Tenminste, de "mijne" niet.

Dus. Schiet eens op verdorie!







maandag 15 oktober 2012

Luister je nou alweer naar Bobby - Tom Willems (boek)


Ik las "Luister je nou alweer naar Bobby - de Bob Dylan aantekeningen 2011 - 2012" van Tom Willems een paar weekenden terug.
Aan het begin van dat weekend viel er iets zwaars op mijn rechtervoet en al vlug zwol de grote teen van die voet op tot ongewone en redelijk belachelijke proporties. In een schoen paste de voet niet meer. Dus ik kon ook niet veel anders doen dan het boek lezen.

Is het een boek dat je wilt lezen, ook als je voet nog gewoon in een schoen past?

Willems schreef eerder twee boeken, die gingen ook over Dylan. Of beter, het tweede ging echt over Dylan. Dit tweede boek met aantekeningen gaat net zoveel over Willems als over Dylan. Of nog een stapje verder, het gaat over iemand met een (daar komt een modernerig woord, maar ik weet even geen beter) passie.

Willems luistert naar Dylan, heel veel. Willems leest over Dylan, ook heel veel. Het concert van Dylan wordt bezocht, platenbeurzen worden afgelopen, gesprekken worden gevoerd. Alles draait om Dylan. Dat zou vreselijk saai kunnen zijn.

"Ondertussen draait "Bringing it all back home" [...]. Ik ben niet meer Tom, niet meer ik. De ogen zijn dan wel open, maar zien doen ze niet. Ik ben niet meer de pijn. Ik ben niet meer de kop vol afspraken of de duizend vragen zonder ooit een antwoord te vinden.
Ik ben niet meer de woorden, niet meer de grote bek die ik te vaak opzet.
Ik ben er niet.
Even."

Een boek dat ik soms herlees is "Een boekenkast op reis" van Boudewijn Buch. Een dagboek vol aankopen van boeken, gezeul met boeken, gezeur over boeken. Boeken die me meestal niks zeggen. Af en toe, goed verstopt staan er wat zinnen over de man achter de verzamelaar.

Ik hou van het obsessieve, ik begrijp het ook. Ik probeer er zelf wel ver weg van te blijven. Al twijfelt de pakjesbezorger van de PTT, of hoe dat tegenwoordig ook heet denk ik aan die zin.

In "Luister je nou alweer naar Bobby" breek je je nek over Dylan. Maar Lee Morgan, een onterecht haast vergeten trompetheld, komt ook even voorbij. Kerouac en Ginsberg zijn er, en Hunter S. Thompson. En Willems vraag zich af of hij "Parting the waves" van Taylor Branch, over Martin Luther King zou moeten lezen. Iedereen zou dat boek trouwens moeten lezen. In het Nederlands heet het "De geschiedenis van een droom".
Ja, sorry, obsessief.

"Ik kan wel proberen om uit te leggen waarom dit mij nu raakt. Dan moet ik het hebben over stem, inleving. Maar wat heeft het voor zin? Morgen kan het weer anders zijn.
Bovendien wordt het niet persoonlijker dan die drie woorden: "het raakt me". Als ik dat wil uitleggen moet ik mijn ziel op tafel leggen.
En dan nog is het mijn ziel die daar op tafel ligt. Je kunt er omheen lopen om hem van alle kanten te bekijken. Je kunt hem oppakken, misschien zelfs er aan snuffelen, maar het blijft mijn ziel.
Je kunt dichtbij komen, ongeveer tot de rand van de tafel en dan houdt het op.
Het is nooit dichtbij genoeg."

Willems komt in "Luister je nou alweer naar Bobby" dichtbij een paar antwoorden. Niet op vragen over Dylan. Maar wel op vragen die ik zelf wel eens heb. En die waarschijnlijk meer mensen met een, sorry, passie wel hebben. 

Prima boek, ook als je gewoon kunt lopen. 












zondag 14 oktober 2012

Tiny Desk Concerts

Ik heb het niet zo op mannen met een akoestische gitaar, alleen, op zichzelf op een podium. Zelfs niet als het gaat om de man die de Nobelprijs niet won deze week.
Het schijnt heel wat te zijn, als je dat niet mooi vindt. Maar ik vind het niks, dat gezing in combinatie met gehark over een akoestische gitaar. Kijk mij eens zingen, hoor je wel hoe bijzonder m'n teksten zijn?
Het is zondag, niemand let op, dus kan ik dat best wel even zeggen.

Buiten regent het. Of in ieder geval regent het zo weer, of dan toch zeker straks.

Op de site van de NPR (National Public Radio) kun je naar Tiny Desks Concerts luisteren en kijken. Geen idee hoe ik er ook al weer achter kwam dat die concertjes bestonden. Maar leuk zijn ze wel.
In een onooglijk kleine ruimte, soms inderdaad achter een tiny desk worden er liedjes gezongen, of wordt er muziek gemaakt. Als je door het archief bladert kom je de Cowboy Junkies tegen, The Cranberries, Glen Hansard, Wilco en de Toearegs van Tinariwen.

Hieronder plak ik, omdat het zo weer gaat regenen, een Tiny Desk optreden van Kurt Wagner. Hij van Lambchop. Hij mompelzingt, zichzelf begeleidend op alleen een akoestische gitaar door wat liedjes heen. Iets wat ik dan wel weer mooi vind.
Ik heb ook nooit gezegd dat ik consequent ben.

Twee liedjes van Lambchop ("Slipped, dissolved and loosed" en "National talk like a pirate day"), één van Don Williams en hij begint met "You're a big girl now" van Dylan, die ook volgend jaar de Nobelprijs niet gaat winnen.

En ja hoor, buiten regent het weer.




maandag 8 oktober 2012

Het antwoord op (bijna) alles

"Koffie, o nee, eerst nog brood. Zeg, wat doe je?".
"Ik maak een foto".
"Dat zie ik. Maar waarom maak je een foto in de supermarkt, om half tien 's ochtends, van een leeg bankje?".
"Kijk dan. Die tekst, op dat bordje. Dit is toch het antwoord op alles".
"Het antwoord op alles?".

"Nou ja, misschien niet het antwoord op echt alles, dat is natuurlijk 42. Maar het is wel een antwoord op heel veel".
"Een foto, van een leeg bankje met een bordje erboven, dat is het antwoord op bijna alles?".

"Ja. Ik denk dat ik de foto laat afdrukken en lamineren. En als iemand dan wat vraagt dan laat ik gewoon die foto zien".
"Ton, kom nou, die mensen staan te kijken".

"Ik zie het helemaal voor me. Als iemand vraagt, "Waarom wil je toch altijd naar een woestijnig land op vakantie?", of "Wat is er toch aan de hand met Nederland?". En hij kan ook bij "Is retail de oplossing voor de bibliotheek?" en ook bij "Komt het ooit nog goed?", al dan niet met de bibliotheek".

"Kom nou maar he, het brood ligt daar".
"Oh, en wat denk je van "Wat heb je toch met die Bob Dylan en die irritante jazzmuziekjes?", dan pak ik gewoon de foto en klaar. En hij kan ook goed bij "Is er nog echte natuur in Nederland?", en misschien zelfs bij "Gaat Spotify failliet?", wat denk jij?".

"Tuurlijk. Kom nou maar, over vier weken hebben we vakantie. Dat brood kopen we wel ergens anders".

woensdag 3 oktober 2012

Zo'n zes uur Shakespeare



Na die keer dat er net voor de voorstelling een luide zoemer klonk ging ik jaren niet naar een toneelstuk kijken. Misschien was het bijgeloof. Ik ben waarschijnlijk een stuk irrationeler dan ik zelf denk.

Een stuk met "tragedies" in de titel leek een aardig moment om de ban te doorbreken.

"Romeinse tragedies" van Toneelgroep Amsterdam duurt zo'n beetje zes uur en bestaat uit drie stukken van Shakespeare. Coriolanus, Julius Caesar en Antonius & Cleopatra. Achter elkaar. Zes uur.

(kopiëren en plakken van de website van TA)

"De Romeinse tragedies zijn Shakespeares meest politieke stukken. Anders dan zijn koningsdrama’s gaan ze niet over machtswellust, maar ligt het accent op het politieke mechanismen en de maatschappelijke context. Zonder vooringenomen standpunt beschrijft Shakespeare oorzaak en gevolg van politieke structuren in een veranderende samenleving. Drie maal wordt het slagen en falen van een politicus getoond, zijn idealen maar ook de persoonlijke drijfveren die meespelen.

Het publiek bevindt zich midden in de politieke arena, waar de voorstelling non-stop gespeeld wordt. Men kan in- en uitlopen, van plaats veranderen en naar eigen goeddunken een pauze nemen in een ontmoetingsruimte op het toneel, waar ook drank en kleine gerechten verkrijgbaar zijn. De voorstelling wordt op monitors op verschillende plekken in de schouwburg rechtstreeks uitgezonden. Het publiek maakt zelf keuzes waar het zich wil bevinden en op welke situatie het wil focussen."

Over sommige boeken en aardig wat muziek kan ik wel wat vinden, over die dingen weet ik wel wat. Van toneel weet ik weinig, die taal spreek ik niet.

Dus kom ik niet verder dan zeggen dat ik soms letterlijk met m'n mond open zat te kijken. Hier gebeurde wat, daar denderden zinnen over het podium. Er was muziek, Dylan kwam zelfs even voorbij. Je kon op het podium gaan zitten, tussen de acteurs, op een bank. Al was ik niet zo heldhaftig.
Zo'n zes uur lang. En die uren waren zo voorbij.
Misschien was die lengte nog wel één van de mooiste dingen van de voorstelling. Door die tijdsduur vergat je haast dat er buiten de zaal nog een wereld was, gewoon een Leidse plein met langs schurende trams.

Prachtig was het. Of, om het maar zo eens te zeggen, een unieke ervaring. Maar dat zijn ook maar beperkte woorden. Die halen het allemaal niet bij de taal die op het podium klonk.

Ik zag het stuk daarna nog een keer en er was een derde keer geweest als er niet iets met sneeuwoverlast was geweest.

Op vrijdag, zaterdag en zondag worden de Romeinse tragedies weer gespeeld. In de Stadsschouwburg in Amsterdam. Wij gaan zondag, dan begint het om vier uur.
Ik kan de zinnen niet schrijven die er voor zorgen dat je er naar gaat kijken. Dat weet ik ook wel.
Maar je zou het kunnen gaan doen, misschien zou je het wel moeten gaan doen. Gaan kijken bedoel ik. Al was het maar omdat het zeldzaam is om iets te zien dat je nooit meer vergeet.


maandag 1 oktober 2012

"Zo'n klein boerenventje"



"Nee, ik nam de telefoon niet op. Ik had ze denk ik meteen laten komen. Als ouders bellen voor een kind, dat er iets is, dan laat ik ze eigenlijk meteen komen. Zeker als ze eigenlijk bijna nooit bellen. Maar iemand anders nam op, er werd even overlegd. En toen konden ze komen. Niet dat het wat uit heeft gemaakt trouwens, die paar minuten vertraging".

"Ik kende ze niet maar ze hadden een boerderij, vlak in de buurt. Het was een klein ventje, zo'n klein boerenventje. Van drie of vier. Je zag hem zo naast zijn vader op de tractor zitten. Dat vond hij vast het mooiste wat er was".

"Zijn moeder dacht dat muggensteken waren, op zijn benen. Allemaal kleine rode vlekjes. Maar er waren geen bultjes, het voelde glad".

"Hij reageerde niet. Kinderen kijken altijd rond. Maar hij keek helemaal niet. Hij lag alleen maar op de behandeltafel en kreunde zacht. Het was niet goed, ik voelde het. Je kunt dan in de computer zetten "Kom naar de behandelkamer!" Maar het duurde maar. Het duurde te lang. Of misschien voelde het alleen maar zo. Na een tijdje heb ik toen op een deur geklopt en gezegd dat er onmiddellijk iemand moest komen kijken".

"Er is meteen een ambulance gebeld. Weet je, dat voelde haast als een bevrijding. Weg, niet meer bij ons".

"De vader belde laat in de middag nog, dat ze naar het ziekenhuis in Groningen werden gevlogen met een helikopter".

"Nee, het was een bacteriële infectie. Het ziekenhuis belde de volgende dag, er was veel antibiotica toegediend maar de bacterie zat al in het bloed. Dan kun je niets meer doen. Het kindje was die nacht overleden.

"Natuurlijk heb je het er daarna over. Het hele dorp had het er over. Iedereen was aangeslagen, al was er toen hij bij ons binnenkwam al niets meer aan te doen".

"Gek he, het is al zo'n tijd geleden, en dan zit ik er zomaar opeens weer om te huilen".




maandag 10 september 2012

Met Bob in de auto



"Het lijkt op dat liedje van Gerard Cox".
"Wat?".
"Het lijkt op dat liedje van Gerard Cox. Kom, hmm, lalalaala mooie ... Ja. T is weer voorbij die mooie zomer".
"Doe niet zo raar. Duquesne Whistle lijkt er in de verste verte niet op. Dylan gaat toch geen liedje van Gerard Cox nadoen".
"Dat refrein, luister dan".
"Doe niet zo gek. Je zit me gewoon te stangen. Oh. een tractor, kijk uit!".

We vonden Bob op zaterdag in de brievenbus. Omdat er wat met gordijnen moest bleef hij in de Amazon.de envelop tot er gekookt werd. Maar toen Poes, die meestal de muziek van Dylan wel kan waarderen vervaarlijk met zijn staart ging zwaaien hebben we Tempest maar weer uitgezet.

Laatst stond ergens dat ik fan van Bob Dylan ben. Nu heb ik een paar honderd cd's van de man, ik lees wel eens een boek over hem en de naam van dit blog komt ook bij hem vandaan, maar ... fan?
Fan. Fan. Het is zo'n dweperig woord, alsof ik foto's van Bob in mijn agenda zou plakken.

Op zondag reden we naar Overijssel. Wat een heel eind is en er leek dus tijd zat te zijn om naar Dylan's nieuwe cd te luisteren. Maar, vrijwel meteen ging er een uiterst slome tractor voor ons rijden. Iets dat de stemming nogal deed omslaan. Of in ieder geval, Bob paste niet meer bij de stemming. Arabische dansmuziek wel, maar die cd bleek nog thuis in de cd-speler te zitten. Zo'n dag. Overijssel was nog een eind weg.

Een nieuwe cd van Dylan wordt lang verwacht, en er wordt veel over gesproken. Bij het eerste gerucht komt de machine al op gang. Er lekt een liedje, een hoes, en dan nog een lied. Daarna mogen een paar journalisten er naar luisteren. De spanning stijgt. Voor dat moment ben ik al afgehaakt. Teveel lucht, teveel hype. Straks ga ik nog horen wat andere mensen zeggen dat ik zou moeten horen.

Het feestje was leuk. Vijftig worden is heel wat. De gesprekken gingen over vakantie, een in de brand gevlogen surprise bij iemand die eerder vijftig werd. De politieke keuzestress kwam voorbij, en Saron ook natuurlijk. Ergens stond er iemand naast me die opeens wat harder sprak en hoewel ik niet verstond wat hij zei leek het geluid sprekend op dat van Bob Dylan. Echt. Of het werd gewoon tijd om naar huis te gaan en onderweg naar Bob te luisteren.

Een fan, die kijkt uit naar een nieuwe plaat. Om er daarna helemaal in te duiken. Maar, dat doe ik met een nieuwe opname van Dylan maar spaarzaam, verheugen en duiken bedoel ik. Voor mij is Dylan vooral iemand die op een podium staat te zingen, daar vinden de liedjes hun echte vorm, daar klinken ze zoals ze horen te klinken. Dat zijn ook de opnames waar ik het meest naar luister. De opnames in de studio zijn voor mij toch vaak meer een aanzet, een vastleggen. Later, op het podium, waar ze horen, gaan ze pas zingen.

Het was mooi weer zondag, dus de raampjes mochten open. En het was druk op de weg, dus de muziek moest wat harder. En bij liedje vier van Tempest gebeurde het. Een doedelend begin, en dan die stem die klinkt alsof hij van onder een afbrokkelende grafzerk vandaan komt "It's been such a long, long time". Een bluesje dreint. Gruizig is het, raspend. "Shake it out (up?) baby, twist and shout. You know what it's all about". Geniale regels zijn het niet. Maar door die stem klinken ze, ze zuigen en pakken. Hier jij! Kijk eens goed naar die grafzerk!

"I wear dark glasses to cover my eyes. There are secrets in them that i can't disguise".

We zoeven door Friesland, als er ergens een plek is waar ik blij ben dat de maximumsnelheid verhoogd is dan is het wel in Friesland. De teksten van Dylan zijn met de raampjes open niet meer zo te volgen. Maar ook zonder onmiddellijke tekstexegese klinkt het fijn. Op de afsluitdijk doen we "Pay in blood" nog een keer. "The more i take, the more i give. The more i die, the more i live" vang ik op als er op de andere rijbaan antieke vrachtwagens aankomen.

Als we eindelijk Den Helder bereiken en rechts de boten in de haven liggen te pronken en links de soms vervallen huizen staan klinkt "Long and wasted years" weer. Hoe passend.
Er zit veel dood, verderf en vergankelijk in Dylan's nieuwste cd. De regelpluizers kunnen hun lol vast weer op. Er klinkt country, waarschijnlijk zelfs wat folk maar wat mij betreft heeft Dylan met Tempest zijn beste bluesplaat in jaren gemaakt. Geen opsmuk, geen gedoe, geen gepoch. Eerlijk.

Ik ga nog steeds geen foto's van Bob in mijn agenda plakken. Maar door Tempest begrijp ik wel weer waarom ik toch steeds maar naar de man blijf luisteren. Die stem, dat zuigende, hier jij, je dacht toch niet echt dat het in het leven om koopkrachtplaatjes ging.

‘I ain’t dead yet. My bells still ring’








zondag 2 september 2012

"... en ze heet Saron"



Het telefoontje kwam om kwart over twaalf vannacht. Daarna sliep ik alleen verder. Poes vond het allemaal maar raar en ging in de huiskamer zitten nukken.

Rond drie uur werd ik wakker. Mijn neus werd gelikt en er klonk luid gespin. Iets later werd er in mijn neus gebeten. Poes had besloten dat als het toch raar was hij net zo goed brokjes kon gaan eten. Ik probeerde hem duidelijk te maken dat eten niet altijd een oplossing is en sliep daarna verder.

Om kwart over vijf rinkelde de mobiel.
"Het is allemaal goed gegaan. Het is een meisje en ze heet Saron".

Toen de leukste vrouw ter wereld zo'n twee jaar geleden in Den Helder kwam wonen besloot ze, nadat ze werk had gevonden om vrijwilligerswerk voor Vluchtelingenwerk te gaan doen. Een inburgeraar die inburgeraars helpt.

De laatste paar maanden helpt ze een meisje uit een ernstig onprettig land in Afrika. Het meisje is hier alleen, en in Den Helder wonen verder weinig mensen uit dat onprettige land. Het meisje was zwanger. En zwanger zijn in een ontwikkeld land als Nederland is nog een heel gedoe, afspraak hier, afspraak daar, dingen waar je over na moet denken. Wie geeft het kind straks aan als de moeder dat zelf misschien nog niet kan? Hoe krijgt de baby een verblijfsvergunning?

Maar vannacht werd daar niet over nagedacht. Vannacht werd er gewoon een nieuw mensje geboren. Terwijl ik verder sliep en Poes dacht dat hij honger had.

"Het is toch wat", zei de leukste vrouw ter wereld toen we vanmorgen om een uur of half zeven op het balkon zaten met een kopje koffie. "Zo ga je mee naar een uitzendbureau, of je repareert een koelkast. En zo sta je naast een bed in het ziekenhuis mee te puffen".

Terwijl ze onder de douche stond bekeek ik het nieuws op de telefoon. Hal David was overleden.
De één gaat dood, de ander wordt geboren.

Ze is nu weer weg, het meisje uit het ziekenhuis ophalen en iets met kraamzorg regelen. Ik tik een stukje, aai de poes en geef de vissen eten.

En ik zet een liedje op, waar Hal David de woorden van schreef. Voor Saron, het meisje uit het ernstige onprettige land en voor de leukste vrouw ter wereld. Omdat ze het met z'n drieën zo'n bijzondere nacht hebben beleefd.






vrijdag 31 augustus 2012

Verlag van de eerste bijeenkomst over de "Zullen we hem hier dan maar neerzetten? Dan staat hij niet precies voor de boxen" bibliotheek



Wat vooraf ging

Ik schreef een blogje over de Uni. Een verplaatsbare leeszaal in Amerika. Wat zinnetjes, wat gekopieerde foto's erbij en hup, weer een blogpostje. De buurvrouw van de bibliotheek Kennemerwaard las mijn zinnen en stelde prompt voor om iets dergelijks te ontwikkelen en daarmee op het Indian Summer Festival in Langedijk te gaan staan.
De buurvrouw, voor de niet frequente lezers van dit blog, is Erna Winters. De bibliotheek Langedijk, waar ik werk, ligt ingeklemd tussen Alkmaar en Heerhugowaard. Samenwerking ligt dus voor de hand. Andere dingen misschien ook maar daar gaat dit blog dan weer niet over.
We spraken af dat we er eens over zouden gaan praten, over die bibliotheek op het Indian Summer Festival. Hieronder het verslag van die bijeenkomst.

28/08/2012
Plaats: Bibliotheek Alkmaar, het kantoor van Erna
Aanvang: 16.00 uur
Aanwezig: Erna, Ton
Afwezig: de rest

Ton zou kistjes regelen voor het project. Maar de bijeenkomst waar hij iemand tegen zou komen met kistjes was pas op 11 september. Er waren dus nog geen kistjes.
Erna zou de meneer van het festival polsen. Maar ze was de meneer nog niet tegen gekomen.

Daarna werd er gesproken over hoe het project nu verder moest worden ingevuld en vervolgens moest worden uitgevoerd. Moesten de kistjes worden geschilderd? En moest er dan een landelijke logo op?

Een grote stilte overviel ons.

Als het met het Indian Summer Festival niet lukte dan waren er nog genoeg andere festivals in de buurt. En het moest vooral wel leuk blijven. En geen hopen geld kosten. Erna zei nog iets over Bier en Bratwurst. 

En de grote stilte zette weer in.

We concludeerden dat we het misschien leuk konden roepen, zo'n bibliotheek op een festival maar dat we duidelijk een aantal mensen nodig hadden die met creatieve ideeën voor de invulling zouden komen. Met z'n tweeën gingen we dat niet redden.

Afspraak: Erna gaat een datum prikken waar we met meer mensen gaan praten over dit idee. Omdat we nog steeds geloven dat het een erg goed idee is, een mobiel bibliotheek-iets voor op een festival. En we gaan een oproep doen aan mensen om mee te denken over dat project. Maakt niet uit waar ze vandaan komen of waar ze werken. Als ze het maar leuk vinden. En een creatief idee hebben. Of gewoon een idee, dat mag ook.

Sluiting: 16.18 uur

Daarna spraken we nog over het verleden, de toekomst en natuurlijk de b-reader. Maar dat zijn andere verhalen.

Binnenkort volgt de datum van het overleg.







donderdag 30 augustus 2012

Steeds verder weg


Het was drukkend warm, maar ze had haar jas helemaal dicht. Ze zat op haar rollator, onder een boom. Het is een rare plek om te zitten. De grond leunt er naar beneden. Op die rollator moet dat haar haast wel een gevoel van wegrollen gegeven hebben.
Ze was oud, haar handen waren in elkaar gevouwen, en haar hoofd trilde. Ze keek schuin naar beneden, naar het gras. Al leek het niet alsof ze het gras ook zag.

Ik fietste met een goed humeur naar een afspraak met de buurvrouw. Maar het beeld van de mevrouw op de rollator bleef in mijn hoofd hangen. Wat later die dag bleek dat beeld een voorprogramma te zijn van verhalen die ik hoorde.

Dit is mijn blog. Ik schrijf over dingen die ik leuk vind of mooi, of mateloos irritant. Over mezelf kan ik schrijven, de leukste vrouw ter wereld kan erin opduiken, mijn moeder komt soms langs en Poes zal ook nog wel eens een rol krijgen. Over mensen die ver weg staan, die iets met kraagjes doen kan het ook gaan. Dat mag. Die zijn onherkenbaar.

Maar verhalen van daar tussen in, daar kan ik niets over schrijven. Dat past niet. Tenminste, mij past het niet Terwijl ook die verhalen veel plek in je hoofd in kunnen gaan nemen.

Dus dit zijn zinnen over een mevrouw onder een boom, waar ik geen foto van heb gemaakt en over een verhaal dat ik hoorde en waar ik niets over zeg.

Hayley Morris maakte een ontroerend prachtige film over Alzheimer en haar grootvader. De film duurt bijna zes en een halve minuut. Dat is bijna een eeuwigheid in deze digitale tijden. Toch ga ik er straks weer een keer naar kijken.




maandag 27 augustus 2012

De hamster meneer schrijft een brief


 Beste Jongen,

Ik dacht, wij moeten eens praten. Maar omdat jij dan waarschijnlijk allerlei dingen terug gaat zeggen stuur ik je maar een brief. Dan hoor jij mij wel en ik jou niet. Ideaal lijkt me.
Misschien vind je het raar dat ik je een brief schrijf en die afgeef bij die aardige mevrouw aan het inlichtingenbureau op de jeugdafdeling in plaats van dat ik je opzoek, als jij zelf achter je, zoals je dat noemt, deskje zit. Maar weet je jongen, ik ben bang dat ik er een beetje klaar mee ben. Of, als ik het wat eerlijker zeg, ik ben bang dat ik een beetje klaar met jou ben. Ik denk er hard over om jou te ontvolgen.

Kijk jongen, het was best leuk hoor, in het begin. Een beetje kletsen over dat fabriekswoord en die B-reader. Maar eerlijk gezegd jongen. Ik kan het allemaal niet meer bijbenen. Of bijlezen. De laatste weken lees ik me helemaal suf. Dan staat hier weer wat, en dan daar. Jij vindt wat en al die collega's van je vinden ook wat. En jullie moeten dat ook allemaal steeds zo nadrukkelijk laten weten, dat jullie wat vinden. En dat was best leuk, een tijdje. Maar ik kan er niet meer tegen weet je. Ik doe er haast geen oog meer van dicht. Die continue stroom van gebeurtenissen en dan weer de reacties op die gebeurtenissen en dan weer de reacties op de reacties over die gebeurtenissen. Komen jullie nog wel eens buiten jongen? Heb je wel genoten van de zomer? Heb je gemerkt dat er een hittegolf was?

Sorry. De zinnen gingen weer wat hard. Maar het is ook lastig jongen, om toe te werken naar een ontvolgmomentje. Maar ik denk dat het niet anders kan. Het is teveel. En te somber. En niet bij te houden. En zichzelf herhalend.

Neem nou dat Facebook schandaal. Nee, niet die moord. Nee, ik bedoel dat stukje in een middagjournaal over ouderen die in New York in de bibliotheek uitleg kregen over Facebook. De verontwaardiging dat het journaal dat item niet in een Nederlandse bibliotheek was komen filmen! Of dat niemand bij het journaal zei dat bibliotheken in Nederland dat ook allang deden. Ja, later zei de nieuwslezer dat wel, maar jou viel de olijke blik in zijn ogen ook op he jongen, toen hij dat zei.
En ik snap best dat het jammer was, dat Facebook berichtje, een gemist kansje enzo. Maar daarna ging iedereen zo in de zesde versnelling helemaal los. Dat Facebook onderwerp was een stukje modern Van Gewest Tot Gewest in een journaal dat tegenwoordig vol zit met sullige items dus, ja jammer, maar meer toch niet? Het was allemaal zo van haphaphap daarna. Ik was even bang dat jullie nog zouden gaan voorstellen dat elk journaal item eigenlijk zou moeten worden afgesloten met het noemen van de juiste siso codering zodat de kijkbuiskijkers meteen naar het juiste schap in hun lokale bibliotheek zouden kunnen lopen. Maar ja, jullie hebben natuurlijk overal verschillende plaatsingsschema's, dus dat ging niet.

En net toen dat stormpje weer wat was gaan liggen kwam dat artikel. Zucht jongen. Moest dat nu zo? Ik zag een twittertje van je voorbij komen met "#kommer" en "#kwel" en "argwanende medewerkers" en ik keek naar de verzendtijd en volgens mij, ik ken jouw rooster, zat je toen gewoon 's avonds op het station door die Vrij Nederland te bladeren. Waarschijnlijk zonder leesbril en al met één hand op die ridicuul ouderwetse discman met vage jazzmuziekjes. En meteen weer woordjes intikken op die mobiel van je. Had je het wel helemaal echt goed gelezen dan? Of alleen maar snelletjes en op zoek naar doorzendbare woorden?
Want ik las het ook jongen. En het leek wel of we verschillende verhalen lazen. Jij las wanhoop en troosteloosheid, wegduikende medewerkers, richtingloosheid met het gebruikelijke "The end is at hand" gevoel.
Ik las het verhaal van een journalist die op een warme dag midden in de zomer langs wat kleinere bibliotheken ging. Geen glanzende hoofdvestigingen maar bibliotheken die misschien nog net niet zijn wegbezuinigd onder dat toevallig aan de bezuinigingen gelijklopende beleidsinzicht dat bibliotheken niet meer in een stenen gebouw hoeven te zitten. De journalist kwam medewerkers tegen die misschien wat afhoudend waren, dat is zo. Maar weet jij wanneer hun beoordelingsgesprek weer gepland stond? Hebben ze er zich misschien net morrend bij neergelegd dat hun bibliotheekorganisatie tegenwoordig een heuse communicatieafdeling heeft met strenge, welomlijnde communicatievoorschriften, komen ze in het wild een journalist tegen. En niet één van het lokale weekblad, nee van Vrij Nederland. Het zweet was bij jou toch ook spontaan in de oksels gesprongen? Maar nee, jij vond het weer "ergerlijk".  En ja, misschien hadden ze niet meteen de gloedvolle taal van de laatste beleidsnota paraat maar, en dat vond ik dan wel weer mooi, tussen de regels door hielpen ze wel de mensen die er kwamen. Gewone mensen met vragen die vanzelfsprekend geholpen werden. En nee, ze wisten niet hoe de toekomst er uit ging zien. Nou en. Weet jij dat dan wel zo zeker jongen? Net als de rest doe jij toch ook maar hoopvol je best zonder dat je zeker weet hoe het afloopt?

Zie je jongen. Het gebeurt als vanzelf. Ik ga me op zitten winden. En dat is niet goed. Ja, af en toe. Maar niet continu. Niet de hele tijd. Vroeger kwam ik gewoon naar de bibliotheek, dan zocht ik wat boeken uit en sprak wat met de aardige mevrouwen achter de balie. Maar sinds ik me met jou ben gaan bemoeien komt dat er helemaal niet meer van. Als ik nu aan een bibliotheek denk zie ik soms alleen nog maar een groepje mensen dat chronisch met zichzelf in de weer lijkt te zijn. En ja, natuurlijk, de toekomst. Maar het leven is meer dan de toekomst jongen. Je hebt ook mensen nodig die op dit moment gewoon even nu aan de slag gaan. Zo goed en zo kwaad als ze kunnen.

En ik weet wel dat je het vast allemaal goed bedoelt maar het wordt me te gek. Al dat "dit is niet goed" en "dat deugt ook niet". Al dat "de medewerkers zus" en "de directies zo". Dan zijn jullie weer niet van de boeken en drie minuten later roepen jullie driftig dat jullie alle eBooks uit moeten gaan lenen, en wel onmiddellijk.
Dus jongen, hoe lastig ik het ook vind, ik denk dat ik je ga ontvolgen. Het moet denk ik gewoon even. Het is me allemaal even te zak en asserig geworden. Ik moet even wat frisse lucht. Ik kom even niet meer aan je deskje staan.

Al zal ik, om jou een plezier te doen nog wel even op Toon Tellegen stemmen

met vriendelijke groeten en, kop op!

H. Meneer

zaterdag 25 augustus 2012

"Daar begin ik niet aan hoor"



"Maar. Ik snap het gewoon niet. Jokers? Plakken?".
"Ja. Doen jullie dat dan niet?".
"Ik weet niet eens wat het is, laat staan dat we het doen".
"Dat snap ik niet. Je krijgt er korting mee. Hebben jullie teveel geld dan?".
"Nee, dat niet maar, je dwaalt af. Vertel even wat dat is dan, jokers plakken".

"Kijk. Je hebt zo'n boekje. Daar zitten plakkertjes in. En die kun je dan op sommige boodschappen plakken. En dan krijg je korting".
"Oh, die actie van de Albert Heijn, van die reclame".
"Dat zei ik. Beneden, in de supermarkt. Waar ik altijd kom".

"Maar, wat was er dan met die jokers?".
"Nou, ik moest wat boodschappen hebben en die had ik gepakt en in mijn rollator gedaan. Daar zat ook dat boekje in, van die jokers".
"Maar waarom ben je dan zo boos?".
"Ik ben niet boos. Ik ga me daar een beetje boos blijven om zo'n meisje zeg. Dat doe ik niet hoor. Dat is het niet waard".
"Goed. Je bent niet boos. Maar vertel toch gewoon even wat er dan gebeurde".

"Nou, ik was klaar en toen kwam ik bij de kassa..."
"Was dat vanmorgen? Op zaterdag is het altijd erg druk daar".
"Welnee. Het was gister, en het was helemaal niet druk. Ik was meteen aan de beurt".

"Dus ik had al mijn boodschappen uit mijn rollator gehaald en op de band gelegd en toen dacht ik aan dat boekje met die jokers".
"Oh, dat is het. Je moest ze er heel vlug opplakken. Kon je het boekje niet meer vinden dan?".
"Natuurlijk wel. Ik weet altijd precies waar ik de dingen laat, ik ben wel oud maar ik heb ze nog allemaal goed op een rijtje hoor".

Nee, dat was het niet. Ik had de spullen op de band gelegd en toen dacht ik aan dat boekje met voordeelplakkers. Dus ik pak dat boekje en wil de goeie sticker opzoeken om te plakken, en weet je wat dat meisje achter de kassa toen zei?".
"Nee".
"Daar begin ik niet aan hoor".
"Wat?"
"Daar begin ik niet aan hoor. Dat zei ze en toen scande ze vlug mijn boodschappen. En daar stond ik met mijn voordeelboekje".
"Stonden er dan veel mensen achter je? Dat ze daarom haast had?".
"Er stond één mevrouw achter me. En weet je wat die zei?".
"Nou?".
"Ja mevrouw. U moet die jokers wel in de winkel al op de boodschappen plakken".

"Ben je toen boos geworden?".
"Daar? In de winkel? Nee hoor, toen niet. Ik heb betaald en ben weggegaan. Als mensen zo'n haast hebben denk ik altijd, wachten jullie maar tot je ook 87 bent en niet zo snel meer gaat".

"Maar het is wel jammer van die korting".
"Ja. Maar ik ga er niet meer over beginnen hoor. Ik heb geld hoor. Je weet toch waar het ligt he? Als het nodig is. Dat heb je toch wel onthouden he?".









vrijdag 24 augustus 2012

"Och, was ik maar een Iraanse atoomwetenschapper"

Terwijl de rest van bibliothecair Nederland afgelopen woensdag in Amsterdam naar een lezing aan het luisteren was zat ik, zoals we dat thuis noemen, achter mijn deskje op de jeugdafdeling. Er waren nog veel medewerkers met vakantie. Vandaar. Niet dat ik er niet graag zit hoor, achter dat deskje. Zeker niet. Ik kan het iedere leidinggevende aanraden. Ken uw klant enzo, en dan niet alleen als statistisch getalletje.

Maar goed, ik zat daar een tijdje en na dat tijdje dacht ik "Och, was ik maar een Iraanse atoomwetenschapper".

Het was zo'n beetje nadat er een jongetje naar een boek had gevraagd. De titel tikte ik vlekkeloos in. En het een tijdje terug geupgrade bibliotheeksysteem liet een lijstje zien waar het boek niet tussen zat. Dus vroeg ik het jongetje of hij het wel zeker wist. Hij wist het zeker. En het hyperdeluxe bibliotheeksysteem kwam, consequent als het kan zijn met hetzelfde lijstje. Waar het boek dus niet tussen zat.
Net toen ik wilde zeggen "Sorry maar we hebben het niet" opende ik toch maar even Google en tikte het genoemde woord in. En bijna nog vlugger dan onmiddellijk verscheen het antwoord.
En toen realiseerde ik me mijn fout. Het woord dat de jongen noemde was het derde woord uit de titel. Dom! Van Mij! Want als je alleen het derde woord weet moet je ook in 2012 in de catalogus van het toch niet echt gratis zijnde bibliotheeksysteem een menuutje open doen en daarna de catalogus op "woorden" zetten.
Dom! Van mij!

Nu hebben Iraanse atoomwetenschappers het niet makkelijk. Ze worden nogal eens opgeblazen bijvoorbeeld. En hun computersystemen worden nogal eens bestookt met virussen. En door zo'n virus dacht ik dus "Och, was ik maar een Iraanse atoomwetenschapper".

Een paar weken terug sloeg er in Iran weer eens een virus toe. Een wetenschapper zou daarover een mail gestuurd hebben.

"I am writing you to inform you that our nuclear program has once again been compromised and attacked by a new worm with exploits which have shut down our automation network at Natanz and another facility Fordo near Qom.
(...)
There was also some music playing randomly on several of the workstations during the middle of the night with the volume maxed out. I believe it was playing 'Thunderstruck' by AC/DC."

Kijk, dan heb je ook geen goed werkend computersysteem maar dan kont er in ieder geval nog een fijn gitaardoedeltje uit de blikken boxjes.


woensdag 22 augustus 2012

De leukste Kinderboekenkast enzo



Ik ben er nog niet helemaal uit welk boek het gaat worden.
"Misschien wisten zij alles" van Toon Tellegen? Iets van Ted van Lieshout? Of toch Pooh, omdat het één maal per jaar lezen van dat boek een serieuze bijdrage aan de wereldvrede zou opleveren? Als iedereen het elk jaar zou lezen natuurlijk. Anders werkt het niet.

De actie "De leukste kinderboekenkast van Nederland" werd deze week aangekondigd in een tweet van @StichtingBNL. Vanaf 3 oktober tot eind november kun je je favoriete jeugdboek aanmelden op een speciale website. Eigenlijk is de actie voor kinderen maar ik las dat volwassenen ook mee mogen doen. En daarom zit ik nu alvast te dubben. Welk boek ga ik opgeven, en hoe ga ik dat motiveren?

Een leuke actie. Kinderen vinden kinderboeken leuk. Veel volwassenen vinden kinderboeken leuk. En zo'n website waar je je keuze aan kunt melden is ook best een leuk idee. Dus dat wordt wel een succes, misschien zelfs wel een leuk succes.

Maar...
Ja, er is een maar. Even voor de duidelijkheid, ik vind het echt een leuke actie. Ergens in een mapje in een kast hier ligt mijn diploma "Jeugdbibliothecaris" dus over het belang van jeugdboeken hoef je mij niks te vertellen. En dat iedereen mee kan doen via een website en eens niet met suffe papiertjes in een met plakband bij elkaar gehouden schoenendoos is ook echt een goed idee. Dus echt, ik vind het een leuke actie.

Maar er is wel een maar.

Kijk, ik heb niks tegen "leuk". Ik ben net zo gek op "leuk" als de volgende 12 mensen. Heus.

Maar kunnen we na de "leukste kinderboekenkast van Nederland"
(of misschien wel tegelijkertijd, er is nog plek zat voor wat websites) misschien ook eens iets gaan doen waar mensen niet meteen na twee regels in het persbericht gezellig glunderend van gaan kirren? Iets wat niet meteen op het eerste gezicht leuk is? Maar misschien wel zinvol, of interessant?

De economie, het milieu, je zou er best een boekenkast over samen kunnen stellen. De maar geen zomer willen wordende Arabische lente kan ook. Laat mensen er boeken in zetten of websites die interessant zijn om bij te houden. Mensen zouden twitteraccounts kunnen opgeven die de moeite waard zijn om te volgen. De resultaten kunnen daarna mooi in een widget. Dan hebben we meteen een opvolger voor de "fijne kerst en gelukkig nieuwjaar" en sportwidget.

En nee, die acties zullen niet zo populair zijn als die van de "Leukste kinderboekenkast van Nederland". Nou en? Bibliotheken gaan toch niet alleen over leuke dingen voor blijde mensen die gelukkig glimlachend in een groen grazige zonnige weide iets leuks en ontspannends liggen te lezen?

Toch?

Maar goed, ik ga eerst nog maar even verder met dubben. Jannes van Toon Tellegen, dat boek moet er misschien ook wel in en ...




dinsdag 21 augustus 2012

Het antwoord dat ♥ Idiot America ~ ϟƘƦІןן∑x ♥ kreeg

Ach, weet u nog, vroeger, dat er dan van die enorm lange rijen kinderen naar de bibliotheek kwamen om uittreksels te kopiëren?
En dan die blikken vol verschrikt ongeloof als er per ongeluk een boek gelezen was waar geen uittreksel van bleek te bestaan.

♥ Idiot America ~ ϟƘƦІןן∑x ♥ (ik gok dat het niet zijn/haar echte naam is) had een zelfde probleem. Hij/zij las "The Boy Who Couldn’t Sleep And Never Had" van DC Pierson maar, nou ja, de bibliotheek werd verbouwd en meer van dat soort dingen. ♥ Idiot America ~ ϟƘƦІןן∑x ♥ zocht de hulp van externe deskundigen. Hij/zij plaatste een vraag op Yahoo Answers


Of ♥ Idiot America ~ ϟƘƦІןן∑x ♥ een uittreksel kreeg toegestuurd, dat kan ik nergens terugvinden. Wel kreeg hij een openbaar antwoord van de schrijver DC Pierson.  

"Hi! My name's DC Pierson, I wrote the book "The Boy Who Couldn't Sleep And Never Had To." First off, I'm really excited that my book is being suggested for summer reading. On the other hand, I'm bummed out that you don't want to try and finish it, and not even because you think it's bad, but just because it seems like work instead of like fun. 

I'm not going to sit here and act like I didn't sometimes not read assigned books for class in high school. Even though it's referenced once in my book, the book you're avoiding reading, I've never actually read "The Scarlet Letter." So I'm sympathetic to your plight. But I think you'll find there's a ton more sex, swearing, and drugs in my book than anything else you have been or will be assigned in high school, and I don't mean in the way your teacher will tell you "You know, Shakespeare has more sex and violence than an R-rated movie!" I mean it's all there, in terms you will readily understand without having to Google them. Plus not once to I refer to anything as a "bare bodkin" or anything like that. 

I guess all I'm saying is, of all the books not to read, to beg the Internet to read for you because your library is being remodeled, mine seems like an odd choice. (I recently had to read it aloud for an audiobook edition, and we recorded it in about 10 hours, and I was not reading fast at all. Maybe read it aloud to yourself an hour a night between now and when class starts? Or get together with other kids who have to read it for school and read it to each other? Maybe one of these other kids will be so impressed with your oratory skills you guys will end up making out. That would be pretty cool, right?) 

Here, I'll give you an extra hint you'll get to put in your paper if you end up writing it: It was all real. A lot of people have asked me if it was supposed to be real or not, and my feeling is, it was. You won't know what I'm talking about unless you read 'til the end, though. And you might disagree with me on this "it was all real" thing once you get there. Just because I wrote it doesn't make my opinion more valid than yours. Wouldn't it be cool to tell your teacher, "The author says he thinks (it) was real but he's an idiot and I disagree with him and here's why!" 

 I finished my book. I bet you can, too."

Of  ♥ Idiot America ~ ϟƘƦІןן∑x ♥ het boek alsnog gelezen heeft, het is helaas onbekend.

 

maandag 20 augustus 2012

Woestijnblues




Het zand was overal. De grond was zand en de lucht zat er ook vol mee. Een horizon was niet meer te onderscheiden. De zon was maar een vaag rondje in een beige waas.
En we reden maar. Van het zuiden in het grote niks, honderden kilometers omhoog, naar het noorden van het grote niks. En daarna door naar Sabha. Sabha meer dan bijna niks noemen zou overdreven zijn.
En de muziek ging maar door. Uit de blikken autostereo galmde het op eeuwigdurend "repeat" gezette afgesleten cassettebandje, "Ténéré, Ténéré, Ténéré". Leuk zo'n nationalistische touareg als gids maar 36 keer hetzelfde lied, in die hitte, in de beige waas.... Authentiek kan ook te ver gaan.
Of er ook een ander casstetebandje op mocht, vroeg ik tijdens een stop. En de kleine, best vriendelijke Muftah explodeerde, hij sprong nog net niet op en neer. "I do not want you in my car. Go away!" en dat dan ook weer heel vaak, en heel hard. Hij schreeuwde, ik schreeuwde. De rest keek toe.

Eigenlijk was bijna iedereen elkaar allang zat. Het eten was bijna op, het filter van de waterpomp ging al stuk op dag drie. Het grote niks mag dan erg leeg zijn, je gaat er toch vooral flink op elkaars lip zitten. Gekke J. die met zijn zilveren parapluutje als zonafstoter door het zand kloste om soms te verdwijnen en dan boven op een heuvel weer op te duiken. En dan maar zwaaien met die paraplu. En maar "Joehoe!" roepen. Vechtpartijen om wie er 's avonds tegen het wiel van de landrover mocht leunen. Alles omringende leegte doet rare dingen met mensen.

Na veel geschreeuw mocht ik in de tweede landrover verder. Muftah haalde ons soms in, om me dan vanuit die andere auto vuile blikken toe te werpen.
Toen ik een paar uur later ziek werd en plots bij een temperatuur van tegen de 40 graden onder drie wollen dekens lag te rillen, om over de andere ongemakken maar te zwijgen ging de kleine touareg kruiden zoeken "You eat". Zelden zo moeten spugen. Maar dat was dan ook de bedoeling. En dat snapte ik ook wel.
Midden in de op één na beroerdste nacht uit mijn leven stond hij bij de tent. Bezorgd bood hij aan om een honderd kilometer of zo verder cola te gaan halen. Cola is goed tegen alles.

Jaren later is hij nog eens in Nederland geweest. Bibberend zat hij een week op een zolderkamer. Veel te koud, veel te nat en al dat groen. Daar kon hij, hoorde ik, helemaal niks mee.

Waar zou Muftah nu zijn? Zou hij nog leven? Had hij gevochten? En aan welke kant dan? Of zou hij in Mali zitten, dromend over Ténéré?

"Hé. Wat ben je stil. Waar denk je aan?".
"Ik zat aan Muftah te denken. Dat ik toen bijna slaande ruzie met hem kreeg om een bandje in de auto".
"Wil je wat andere muziek opzetten? Die woestijnblues ken ik nu wel".

Ik rommelde met wat cd's en zette Jimmy Cliff op. We reden over de E7 en kwamen bij Wognum. Langs de kant van de weg staat een groot bord met de mededeling dat je vanaf daar 130 km per uur mag rijden. We bedankten, zoals dat hoort Mark en Melanie voor deze grootse verandering en reden nu nog sneller verder, richting Den Oever.

Buiten was het leeg en verlaten. En erg groen. Nee, Ténéré zou het nooit worden.